Voor anderstaligen is de Nederlandse uitspraak erg moeilijk. Oefenen met klanken, met behul van Nederlandse klank gedichtjes kan het een stuk makkelijker maken. De klanken zijn vaak een struikelblok. In dichtvorm komen dezelfde klanken elke keer terug en wordt het makkelijker om ze uit te spreken.

Hier volgen een aantal Nederlandse klank gedichtjes.

Oefenen met klanken – de ~ei~

Ik kook een ei,

ik doe er nog één bij,

want jij komt bij mij.

Een ei voor jou

en een ei voor mij.

Oefenen met klanken – de ~oe~

Ik voer de poes.

De poes heet Loes.

De poes is niet van mij.

De poes is van de boer.

De boer woont op de boerderij.

Oefenen met klanken

Oefenen met klanken – de ~eu~

In de keuken staat een blik.

In het blik zit een deuk.

Ik maak het blik open.

Koken vind ik leuk.

Oefenen met klanken – de ~ui~

Ik ga naar buiten,

waar de vogels fluiten.

In de tuin staan struiken,

waarin de vogels schuilen.

Oefenen met klanken – de ~ou~

Het is koud vandaag.

Ik vraag aan jou,

of het raam dicht mag.

Ik hou niet van kou.

Oefenen met klanken – de ~au~

De kat en de kauw zien de pauw.

De pauw maakt zichzelf heel groot.

De kat en de kauw gaan heel gauw,

naar de andere kant van de sloot.

Er volgen meer gedichtjes op “oefenen met klanken”

Klik hier voor “Oefenen met Nederlandse volksliedjes” een website compleet met bladmuziek.

Ga terug naar taalcoach tips en oefeningen in de praktijk

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes:

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>